Annelies Roose, studente journalistiek:
Maandag moet en gaat het land plat. Vakbonden halen groot geschut boven: het openbaar vervoer moet op de rem, (vliegende) stakersposten zullen industrie en havens blokkeren, scholen moeten dicht, en de zorgsector zal op zondagsregime werken. Een na-tio-na-le al-ge-me-ne staking. Oeeeh. Maar érg algemeen lijkt ze niet te worden. Een lucky strike? Allicht niet.
Op het internet, Twitter, en andere sociale fora wemelt het net zoals bij de staking van december van verbolgen reacties en boze brandbrieven, vooral van jonge mensen en niet erg vakbondsgezinde ouderen. De vakbonden worden er aangesproken en beschreven alsof ze net het zonlicht voor eeuwig hebben uitgedoofd. Ik zoék hard naar overtuigende argumenten die de inzet van een algemene-staking-paardenmiddel rechtvaardigt, want ik begrijp de bezorgdheden van de vakbonden zeker (en velen met mij, daarvan ben ik overtuigd). Maar ik vind er geen één. Geen één! Weinig, hé.
Weet je wat mij verontrust? Stakers en niet-stakers zitten elkaar (alweer) met alle zonden van de wereld te overladen, op een zinkend schip, terwijl de banken, de financiële sector, en de Electrabels van deze wereld met een grimas op hun smoel – oeps, sorry voor het woord – zitten toe te kijken. We moeten, denk ik, dus oppassen dat we ons hier niet van vijand gaan vergissen.
Banken worden door burgers gered, maar laten hun klanten vandaag opdraaien voor hun verliezen. Moesten bedrijven het wettelijk belastingtarief betalen, zou dat bijna een miljard opleveren, terwijl de pensioenbesparingen 674 miljoen euro moeten opleveren. Ik wil maar zeggen: de juiste hoofdzaken moeten van de juiste bijzaken worden onderscheiden, en de juiste vijanden moeten worden aangepakt.
Bovendien valt het op dat media steeds meer en steeds scherper berichten over een zogenoemd ‘conflict’ tussen de babyboomgeneratie en de mondiger wordende ‘millennials’, ook wel Generatie Y genoemd. Ik maak mij zorgen om media die het conflict aanscherpen (of eigenlijk máken, want ik geloof niet dat dit conflict in se bestaat). Maar uiteraard laten zij vaak bewust nuances weg om een debat op gang te trekken.
Humo coverde twee weken geleden bijvoorbeeld met dit thema: ‘Naar een nieuwe generatieclash. Jongeren over werk, pensioen en protest: ‘Mijn ouders weten niet beter’’. Allicht wilde Humo dus bewust farse en franke klokken luiden, om een debat te openen. Dat is zeker geen slechte zaak, want het is de taak van journalisten om pijnpunten aan te duiden, maatschappelijke vragen te stellen, en debatten te openen. Maar dat debat mag dan wel niet selectief zijn, het moet tussen alle betrokkenen gebeuren: 50-plussers, jongeren die al sinds hun 18e werken, studenten, enzovoort. Een gesprek van woord en wederwoord, dus. Alleen zo ontstaat begrip en kan naar oplossingen worden gezocht. Maar media die over een (onbestaande) clash spreken, zetten hun lezers ertoe aan om zich ook hier van vijand te vergissen, vrees ik.
De komende acties van de vakbonden hebben héél weinig draagvlak, ze dreigen verzwakt uit deze staking te komen (en dat weten ze zelf). Gisteren bleek nog dat een deel van de Belgische bevolking het stakingsrecht zou willen inperken en zelfs afschaffen. Dat is natuurlijk niet zo’n onlogisch, als vakbonden op zo’n manier blijven communiceren en handelen.
Moesten vakbonden maandag het land platleggen, met een duidelijke boodschap aan de Belgische regering dat ze ook wel weten dat iedereen zijn steentje moet bijdragen, en dat ze in overleg mee naar oplossingen willen zoeken. Maar daarbij met een duidelijk uitgesproken stem eisen dat de financiële sector en de banken hierin mee moeten. Dié manier van staken zou een verworven en kostbaar stakingsrecht verrechtvaardigen, en vermijden dat het vandaag zo publiekelijk op de helling wordt gezet.
